
|
dwarsfluit
Bekijk de video : How to play the flute
Lees de stappen :How to play
the flute

De dwarsfluit is oorspronkelijk van hout gemaakt
en is het oudste blaasinstrument zonder rietblad .
De fluit , zoals de dwarsfluit veelal wordt genoemd ,
valt dus onder de houtenblaasinstrumenten (aerofonen) .
Tegenwoordig wordt veelal op dwarsfluiten van metaal
gespeeld , het materiaal kan verschillen van een koperenbuis
met een vernikkeld- of verzilverd laagje tot volledig zilveren
of zelfs gouden fluiten . De hardheid van het
materiaal is mede bepalend voor de klankkleur van het instrument
.
 De benaming
dwarsfluit heeft te maken met de houding/ speelwijze van
de fluit , namelijk dwars of opzij gehouden
tijdens het spelen ( traverse : opzij gehouden )
. De huidige fluit wordt
ook 'Boehmfluit' genoemd (naar ontwerper Theobald
Boehm) andere fluitbenamingen die gebruikt
worden zijn : Concertfluit of C-fluit
.

Een houten barokfluit wordt 'traverso' genoemd
en is de voorloper van de huidige
dwarsfluit .
Deze houtenfluiten
(traversi) worden tegenwoordig nog regelmatig bij
uitvoeringen van authentieke barokmuziek gebruikt
. De barok is een stijlperiode van ongeveer 1600 tot 1750 .
deze periode komt niet alleen in de muziek , maar ook in andere
kunstvormen zoals : de schilderkunst en bouwkunst voor .
Een traverso heeft toongaten en een zeer beperkt aantal kleppen
( meestal maar 1 pinkklep ) , verder heeft een oorspronkelijke
traverso geen mondplaat , zoals bij een gewone moderne
dwarsfluit , maar alleen een mondgat voor aan te blazen
. Naast houten dwarsfluiten werden er vroeger ook
fluiten van ivoor of
zelfs van glas gemaakt (19de eeuw) .
Traverso (barokfluit) met pinkklep

De huidige moderne 'Boehm'
dwarsfluit is van metaal en bestaat uit de volgende 3 onderdelen
:
- 1.) Het kopstuk (buis , mondplaat , kroon , stopper en kurk) - 2.) Het
middenstuk (corpus of "fluitbody") - 3.) Het voetstuk
ookwel staartstuk genoemd .

De
toonvorming ontstaat door de onderlip op de
rand van de mondplaat , van het fluitkopstuk , te plaatsen en lucht te
blazen tegen de overstaande scherpe rand van de mondplaat .
Hierdoor verdeelt / splits de lucht zich , een bepaald gedeelte
van de lucht wordt over de rand geblazen en een ander gedeelte
wordt in de buis geblazen en zorgt ervoor dat de luchtkolom
in de buis in beweging wordt gezet
.
Principe van blazen
(overblazen)
N.b. Het sluiten/openen van de kleppen
zorgt voor verandering van de luchtkolom en dus
de toonhoogte , hoe meer kleppen worden gesloten hoe langer
de buis wordt en hoe lager de toon zal klinken .

 Bij dwarsfluitspelen
is ademhaling/ademsteun en de lipspanning ( ook
wel embouchure
genoemd ) erg belangrijk . Daarnaast zal een
fluitist regelmatig tonen moeten overblazen , hierbij
wordt de mondopening kleiner gemaakt terwijl de greep
op de dwarsfluit hetzelfde blijft
.

Als je op een dwarsfluit met dezelfde greep een
hogere
toon wilt spelen dien je over te blazen .
Overblazen heeft tot gevolg dat een boventoon van
deze grondtoon zal klinken .
1ste ,2de en 3de
boventoon
Een grondtoon
kan echter meerdere keren worden overgeblazen ,
er ontstaan dan boventonen
(bovenharmonischen) volgens een
bepaalde relatieve reeks . Als je
een grondtoon overblaast klinkt de eerste
boventoon een octaaf hoger dan de grondtoon , als
je deze weer overblaast klinkt de 2de
boventoon ( een kwint hoger) en als je die weer
overblaast klinkt de 3de boventoon (weer een kwart hoger) .
Het aantal boventonen bepaalt de specifieke
klankkleur van een muziekinstrument .
Daardoor zijn muziekinstrumenten die nagenoeg evenveel
boventonen bezitten moeilijker van elkaar te
onderscheiden . Lees op het wetenschapsforum meer over
'buiken en knopen '
.
(zie hieronder de "Boventoonreeks op de grondtoon
C" )

- Wat is een 'E-mechaniek'
?
De meeste (beginners) dwarsfluiten hebben
tegenwoordig een 'E-mechaniek' .
Deze voorziening , in de vorm van extra ' beugeltje ' op
de dwarsfluit , zorgt ervoor dat
de hoge 'E' iets
gemakkelijker aanblaast , er wordt
namelijk een extra klep gesloten . Een 'E-mechaniek'
wordt in het Engels 'Split E-key' genoemd .
N.b. Klik op de 'Split
E-key' link en bekijk het
verschil
tussen een dwarsfluit met- en zonder 'E
-mechaniek' (Als
je op de bovenstaande link klikt zie je op
de onderste
afbeelding een dwarsfluit met 'E-mechniek')
-
E-mechaniek wel of niet van belang
?
Veel muziekdocenten
adviseren beginners om
een dwarsfluit te kopen met '
E-mechaniek ' , omdat de hoge
'E' gemakkelijker aanblaast , echter een
ervaren fluitist(e) kan al
goed overblazen zodat deze
optie dus minder bepalend is
voor aanschaf van een dwarsfluit met-
of zonder ' E-mechaniek '
.

 - Wat
zijn 'Polsters' ?
In de kleppen van een dwarsfluit
zitten viltjes met een vliesje erover , dit
zijn de polsters . Als een polster
beschadigd is en niet goed meer sluit klinkt de
toon slecht of helemaal niet , de polster dient dan te worden
vervangen . Polsters hebben een
bepaalde dikte en
diameter ze moeten bij
vervanging opnieuw worden afgesteld . Voor
duurdere , handgemaakte professionel fluiten , bestaan
speciale 'Straubinger' polsters .


<< DWARSFLUIT Bron : Wikipedia, de vrije encyclopedie
>>
De dwarsfluit , in een klassiek orkest gewoon fluit
genoemd , is een blaasinstrument
dat dwars op de lippen geblazen wordt ; de luchtstroom uit de mond
staat haaks op de boring van het instrument .
De kleinere
en hoger gestemde uitvoering wordt piccolo
genoemd, de grotere uitvoeringen altfluit en basfluit .
De moderne dwarsfluit, tegenwoordig meestal van metaal, is
doorTheobald Boehm
ontwikkeld uit de traverso (
barokfluit ) die meestal van hout was. Böhm ontwierp een
kleppensysteem waardoor het mogelijk is om met 10 vingers volledig
chromatisch te kunnen spelen.
Dit kleppensysteem ( Boehm-systeem)
is later (ten dele) overgenomen voor de hobo en de klarinet. Ook
wijzigde hij de boring van de fluit: het kopstuk van de Boehmfluit
is conisch en niet cilindrisch zoals bij de traverso, terwijl het
corpus juist cilindrisch is, in tegenstelling tot het conische
(taps toelopende) corpus van de traverso. De moderne piccolo
heeft overigens nog wel de "oude" boring zoals de traverso die
had.Een dwarsfluit bestaat uit een smalle, rechte buis met drie
onderdelen, namelijk het kopstuk met een lipplaat, het
middenstuk met kleppen die door de vingers bewogen kunnen worden
en het voetje als extraatje om nog lagere noten te kunnen
spelen. Hij wordt bij het spelen dwars naar rechts gehouden.
De dwarsfluit heeft een toonomvang ( ambitus) van meer
dan 3 octaven. Hoewel
dwarsfluiten tegenwoordig vaak van metaal worden gemaakt, worden
ze traditioneel tot de houtblazers
gerekend. Van alle houtblazers heeft een dwarsfluit het
minste aantal kleppen.

|